Print

Nederland heeft 616 miljoen euro over voor WK-titel

Nederlanders hebben 616 miljoen euro over voor de wereldtitel, ofwel gemiddeld 47 euro per persoon. De aanstaande Oranjegekte zal duidelijk zichtbaar zijn in onze uitgaven: 15% van de Nederlanders drinkt tijdens het WK meer dan anders, een op de vijf zegt zich te laten beïnvloeden door WK-acties in de supermarkt en we kopen voor gemiddeld 5 euro Oranjespullen. Hoewel we volop achter Oranje staan, lijkt voetbal voor nuchtere Nederlanders toch eerder een bijzaak, zij het de belangrijkste die er is. Voor In Brazilië, dé favoriet volgens Nederlanders, lijkt voetbal meer de hoofdzaak. Brazilianen hebben gemiddeld 813 euro over voor de titel en zouden er zelfs drie volle werkweken aan vakantiedagen voor inleveren. Dit blijkt uit de eerste publicatie van ING WK-nomie; een omvangrijk nationaal en internationaal onderzoek van de ING naar de economische impact van het WK-voetbal.

Meer alcohol en kant-en-klaar maaltijden tijdens het WK

Als hoofdsponsor van Oranje ontplooit de ING veel initiatieven rondom het WK. Een van de initiatieven waarmee de ING de komende weken volop naar buiten treedt, is het onderzoek ING WK-nomie. Charles Kalshoven, hoofdeconoom ING Economisch Bureau: “Hoe beter het Oranje vergaat, des te gunstiger dat is voor de Nederlandse economie. We zien de invloed van het WK terug op de werkvloer, in de detailhandel maar ook in het consumentenvertrouwen en de bestedingen. Zo verwachten Nederlanders ruim 60 miljoen euro uit te geven aan Oranje fanartikelen. Ook het eetpatroon verandert. Veel voetbalfans (18%) kiezen op wedstrijddagen voor kant-en-klaarmaaltijden en rond de wedstrijden stijgt de alcoholconsumptie: 15% van de Nederlanders drinkt tijdens het WK meer dan anders. Een deel van de supporters gaat minder of zelfs niet met vakantie en besteedt zijn euro’s daardoor in Nederland in plaats van in het buitenland.”

Betere werksfeer en 54 miljoen euro in voetbalpools

Een op de negen werkende Nederlanders is van plan Oranje ook tijdens werktijd te volgen. Veel wedstrijden worden onder werktijd uitgezonden, zoals de openingswedstrijd van Oranje tegen Denemarken. Als tijdens een wedstrijd 11% van werkend Nederland met iets anders dan werk bezig is, zijn dat al gauw 1,5 miljoen verloren werkuren. Daar staat tegenover dat 23% van de werknemers verwacht dat het WK de sfeer verhoogt op het werk.
Op de werkvloer wordt niet alleen gepraat over het voetbal en ernaar gekeken, veel werknemers wagen ook een gokje en doen mee met een voetbalpool. Ruim een kwart van Nederland doet mee aan een of meerdere pools, op het werk of met vrienden. Gemiddeld zetten ze 15 euro in, wat betekent dat er tijdens het komende WK 54 miljoen euro op het spel staat.

Brazilianen en Argentijnen hopen het meest op voetbalcarrière voor hun zonen

De passie voor voetbal is overal ter wereld anders. Brazilianen en Portugezen zijn bereid om het diepst in de buidel te tasten voor een eindoverwinning van hun nationale trots (respectievelijk 813 en 368 euro). Nederlanders zijn met een bedrag van 47 euro een stuk zuiniger, maar minder terughoudend dan de Duitsers en Japanners. Bovendien hebben Nederlanders flink meer over voor de WK-titel dan twee jaar geleden voor de EK-titel, die ons 30 euro waard was. De Oranjefans hebben nog een andere flinke ontbering over voor de wereldtitel: 18% zou bereid zijn om hiervoor gemiddeld bijna 6 dagen op een dieet van water en brood te leven.
De beleving en waarde die inwoners aan de titel hechten lijken mede samen te hangen met het maatschappelijk belang dat voetbal in een land heeft. ING heeft gepeild aan welke carrière voor hun zonen de inwoners van 12 aan het WK deelnemende landen de voorkeur zouden geven. In vergelijking met de inwoners van andere landen dromen de Brazilianen (39%) en Argentijnen (32%) het meest van een profvoetbalcarrière voor hun zonen. Van de Duitsers en Japanners kiest slechts 7% daarvoor. Nederlanders zien hun zonen het liefst directeur van een bedrijf worden (61%). De profvoetbalcarrière staat op een derde plek (13%), nog ruim voor een carrière als filmacteur (4%) of Minister-President (slechts 2%).

Brazilië favoriet, Mexicaan schat Oranjekansen het hoogst in

De Brazilianen hebben het grootste geloof in eigen kunnen; bijna driekwart van de Brazilianen verwacht dat de ‘goddelijke kanaries’ de titel weer mee naar huis nemen. Gevraagd naar welk land wereldkampioen zal worden zetten ook de inwoners van alle landen, behalve Spanje en Argentinië, Brazilië op nummer 1.
Gemiddeld geven de Spanjaarden zichzelf een kans van 58% als toernooiwinnaar. Ook de Argentijnen geloven in hun eigen elftal, zij schatten de kans om voor het eerst sinds 1986 weer kampioen te worden op 48%. Nederlanders schatten de kans op Oranjesucces op 34%. Opvallend is dat de Mexicanen nog positiever zijn over de Oranje-kansen dan de Nederlanders zelf.

 

WK-nomie

De mannen versus de vrouwen

Als Nederland in de finale zou komen, dan heeft een kwart van de Nederlanders er bijna 150 euro voor over om bij de wedstrijd aanwezig te zijn. Dat is 65 euro meer dan de 82 euro die Nederlanders twee jaar geleden voor een EK finalekaartje wilden neerleggen. Mannen zijn daarbij bereid dieper in de buidel te tasten dan vrouwen (179 euro versus 111 euro). Toch is het niet zo dat mannen op alle fronten meer over hebben voor voetbal. Zo zijn werkende vrouwen net zo opofferingsgezind als het gaat om inleveren van vakantiedagen als hun mannelijke collega’s. Ook dichten de vrouwen Oranje evenveel kans toe als de mannen. Opvallend is dat onder de niet-voetbalfans mannen er meer geld voor over hebben als de titelstrijd geen doorgang zou vinden dan vrouwen. Kennelijk ‘lijden’ de niet-voetbalminnende mannen meer onder de Oranjegekte dan de vrouwen.

Citaten

Hoe beter het Oranje vergaat, des te gunstiger dat is voor de Nederlandse economie. We zien de invloed van het WK terug op de werkvloer, in de detailhandel maar ook in het consumentenvertrouwen en de bestedingen. Zo verwachten Nederlanders ruim 60 miljoen euro uit te geven aan Oranje fanartikelen. Ook het eetpatroon verandert. Veel voetbalfans (18%) kiezen op wedstrijddagen voor kant-en-klaarmaaltijden en rond de wedstrijden stijgt de alcoholconsumptie: 15% van de Nederlanders drinkt tijdens het WK meer dan anders. Een deel van de supporters gaat minder of zelfs niet met vakantie en besteedt zijn euro’s daardoor in Nederland in plaats van in het buitenland.

Charles Kalshoven - Hoofdeconoom ING Economisch Bureau

Deel dit artikel

Contact voor de media

Harold Reusken