Print

Internationale positie van havens in de Rijn-Schelde delta is sterk, maar staat onder druk

De positie van de havens in de Rijn-Schelde Delta is sterk maar staat onder druk door toenemende concurrentie, nieuwe logistieke ontwikkelingen en veranderingen in de aard van goederenstromen. Door de ontwikkeling van transportcorridors is bijvoorbeeld de dichtst bijzijnde haven lang niet altijd meer de ‘natuurlijke’ haven voor bestemmingen in het achterland. Belangrijke uitdaging is ook de overgang van fossiele naar niet-fossiele brandstoffen. Om dergelijke uitdagingen het hoofd te bieden moeten de havens de banden met het achterland versterken en hun krachten bundelen op terreinen waar dit meerwaarde biedt voor de slagkracht en de dienstverlening van de Delta. Innovatie in goederen- en kennisstromen blijft ook de hoogste prioriteit hebben.

Dit zijn de belangrijkste conclusies uit het vandaag gepubliceerde rapport Economic Analysis of the Rhine-Scheldt Delta Port Region, geschreven door Prof. Dr. Theo Notteboom en Indra Vonck M.Sc. van het Institute of Transport and Maritime Management Antwerp van de Universiteit van Antwerpen.

“Havenautoriteiten, overheden en bedrijfsleven in Nederland en België hebben elk hun rol te spelen om de samenwerking vorm te geven”, zegt Diederik van Wassenaer, Global Head of Clients and Corporate Finance & Equity Markets van ING Commercial Banking, opdrachtgever van het onderzoek. “Samenwerking en versterking van de synergie tussen alle havens in beide landen levert een win-win situatie op voor alle partijen, niet alleen voor grote havens als Rotterdam en Antwerpen maar ook voor kleinere havens als Vlissingen. Dat is de boodschap die wij krijgen van klanten.”

De Belgische en Nederlandse havens vormen de logistieke draaischijf van de Lage Landen en zijn onmisbaar voor de economie en het bedrijfsleven in beide landen. De totale goederenoverslag bedroeg 812 miljoen ton in 2010. Dat is ongeveer 65% van de totale goederenstroom in de regio Hamburg-Le Havre, en 20% van de goederenstroom in heel Europa.*

Samenwerking cruciaal voor de toekomst

Stijgende concurrentie vanuit de Baltische, de Adriatische en de Middellandse Zee dwingen de havens uit de Deltaregio ertoe om in de toekomst nauwer met elkaar samen te werken. In Frankrijk, Italië en Spanje worden havenhervormingen doorgevoerd. De havenautoriteiten krijgen er meer slagkracht, worden gecommercialiseerd en/of geprivatiseerd. Op termijn kan dit leiden tot een grotere efficiëntie en een meer marktgeoriënteerde aanpak van die havens. Daarnaast spelen ook andere economieën een steeds grotere rol, zoals onder meer China. De groei van de havens in de Deltaregio zal steeds meer bepaald worden door deze nieuwe vraag. Tot voor kort had de handel met het Azië vooral via de Noord-Europese havens plaats. Het marktaandeel van de havens in de Hamburg-Le Havre regio wordt geschat op 76%, in vergelijking met 24% voor de Mediterrane havens.

Om de toenemende concurrentie ook in de toekomst het hoofd te kunnen bieden zouden de Deltahavens volgens de onderzoekers moeten overwegen om hun achterlandbereik uit te breiden, zonder het kernachterland (d.i. de Benelux, het westen van Duitsland en het noorden van Frankrijk) te verwaarlozen. Middellandse Zeehavens werken aan transportcorridors naar het binnenland waardoor men makkelijker gebieden zal kunnen bereiken die traditioneel door de Rijn-Schelde havens worden bediend. De Middellandse Zeehavens liggen dichter bij Azië dan de Rijn-Schelde havens en deze zouden scheepvaartbedrijven daarmee dus tijdswinst bieden voor transit naar bepaalde regio’s in het achterland.

Ondanks bestaande en nauwe contacten tussen de verschillende havens en de rol die elke haven heeft te spelen in de versterking van de commerciële slagkracht van de regio, is er ruimte voor meer grensoverschrijdende samenwerking op vlak van bundeling van lading en versterking van wisselwerking tussen verschillende havengebieden. Dit zorgt voor meer efficiëntie en tijdswinst voor alle partijen.

Door verdergaand samen te werken kunnen bovendien bestaande concurrentievoordelen beter worden benut. Elke haven heeft zijn troeven, maar door deze te bundelen, wordt het effect nog verstevigd. De aanwezigheid van een groot aantal havens in de regio is immers aantrekkelijk door de flexibiliteit die het biedt: klanten hebben naargelang hun behoeften de keuze uit verschillende havens wat de aantrekkelijkheid van de Rijn-Schelde Delta als vestigingsplaats voor logistiek en productie versterkt.

Een belangrijke uitdaging voor met name oliehaven Rotterdam is de overgang van fossiele naar niet-fossiele brandstoffen. De delta moet een leidende rol in deze overgang op zich nemen om concurrerend te blijven in de energiesector. Deze transitie biedt een enorme kans voor de Rijn-Schelde Delta om een voortrekkersrol te consolideren. De verschillende havens in de regio kunnen via een wisselwerking elkaars positie bekrachtigen door onder meer in te zetten op innovatieve en duurzame productiemethodes en het verder versterken van ecologische schaalvoordelen.

Overheden faciliteren, havenautoriteiten coördineren

Het huidige beleid van zowel de Vlaamse als de Nederlandse overheid gaat te sterk uit van de eigen administratieve grenzen zonder de voordelen van een meer intensieve grensoverschrijdende samenwerking te belichten. Toch zou samenwerking niet opgelegd mogen worden door de hogere overheden. Het is hun taak om in te staan voor regelgeving en voor het uitstippelen van het algemeen beleid. Havenautoriteiten zijn verantwoordelijk voor de eigenlijke strategie, in nauwe samenwerking en coördinatie met de relevante markten.

* Volgens de ‘Havenmonitor’ genereerden de Nederlandse havens een directe toegevoegde waarde van 20,5 miljard euro of 3,6% van het Nederlandse bbp in 2009. De indirecte toegevoegde waarde wordt geschat op 11,9 miljard euro in 2009. De Nederlandse havens boden 163.386 personen werk, wat overeenkomt met 1,9% van de totale Nederlandse werkgelegenheid. De indirecte werkgelegenheid bedroeg 108.617 voltijdbanen. Op basis van recente gegevens van de Nationale Bank van België bedroeg de directe en indirecte toegevoegde waarde van de Vlaamse havens ongeveer 27,1 miljard euro in 2009 of 8,2% van het bbp van België. De directe toegevoegde waarde bedroeg 13 miljard euro in 2009 of 4,3% van het Belgische bbp. Er bestaat geen standaardmethodologie in de Benelux voor de meting van de economische impact van de havens. De cijfers van de Vlaamse en Nederlandse havens kunnen dus niet direct worden vergeleken.

Over ING Commercial Banking

ING Commercial banking is de bankdivisie voor het grootbedrijf van ING en richt zich op grootzakelijke bedrijven, multinationals en financiële instellingen met op maatwerk toegesneden dienstverlening. In Nederland rekent de bank de beursgenoteerde en grote niet-beursgenoteerde ondernemingen tot haar klanten. De bank heeft als thuismarkten de Benelux en Europa en een internationaal netwerk in Amerika en Azië met 15.000 medewerkers in 40 landen. De bank heeft in de Benelux een leidende positie opgebouwd over het hele spectrum van het zakelijke bankbedrijf: bankfinanciering (Lending), fusie- en overnameadvies (Mergers & Acquisitions), het aandelen- en -emissiebedrijf (resp. Equity Markets en Equity Capital Markets) en het obligatie- en -emissiebedrijf (Fixed Income en Debt Capital Markets). Ook Foreign Exchange & Derivatives vormen een belangrijke dienstverlening, evenals het internationale betalingverkeer, werkkapitaalbeheer en cash-pooling. Het hoofdkantoor is gevestigd in Amsterdam. ING Commercial Banking is uitgeroepen tot beste broker in zowel de Benelux als in Oost Europa in de Extel Pan European Survey voor achtereenvolgens 2010 en 2011. ING Commercial Banking is ook onderscheiden door het toonaangevende Amerikaanse vakblad Global Finance magazine als Beste Investment Bank in Nederland 2010 en 2011, Beste Bank in België in 2010 en Beste Sub-Custodian Bank 2010 in België, Hongarije, Polen en Slowakije.

Kijk voor meer informatie over onze dienstverlening op www.ingcommercialbanking.com.

Citaten

Havenautoriteiten, overheden en bedrijfsleven in Nederland en België hebben elk hun rol te spelen om de samenwerking vorm te geven.

Diederik van Wassenaer - Global Head of Clients and Corporate Finance & Equity Markets van ING Commercial Banking

Samenwerking en versterking van de synergie tussen alle havens in beide landen levert een win-win situatie op voor alle partijen, niet alleen voor grote havens als Rotterdam en Antwerpen maar ook voor kleinere havens als Vlissingen. Dat is de boodschap die wij krijgen van klanten.

Diederik van Wassenaar - Global Head of Clients and Corporate Finance & Equity Markets van ING Commercial Banking

Deel dit artikel

Contact voor de media

Robert Gunther