Nieuwe wet- en regelgeving

Wat is veranderd per 1 januari 2012?

Nieuwe wet- en regelgeving

Per 1 januari is er ook een aantal nieuwe wetten en regels doorgevoerd. Welke daarvan zijn voor u, als ondernemer, van belang? We zetten de belangrijkste voor u op een rijtje.

1. Vakantiedagen

Per 1 januari 2012 wordt de nieuwe regeling Vakantiedagen ingevoerd. In het kort komt de wijziging hierop neer:

  • Langdurig zieke werknemers bouwen meer vakantiedagen op dan in de huidige situatie
  • Het moet makkelijker en vanzelfsprekender worden tijdens ziekte vakantiedagen op te nemen
  • Wettelijke dagen krijgen een vervaltermijn van 6 maanden na het opbouwjaar;
  • Bovenwettelijke dagen houden de verjaringstermijn van 5 jaar;
  • Nieuw opgebouwde wettelijke dagen vervallen het eerst.
Wat niet verandert, is dat afspraken tussen werkgever en werknemer mogelijk blijven, en dat bij het einde van het dienstverband niet opgenomen vakantiedagen moeten worden uitbetaald.

2. Zelfstandigenaftrek

De zelfstandigenaftrek wordt vanaf 2012 een vast bedrag van € 7.280,- dat niet zal worden geïndexeerd. Hiertoe is onder meer besloten om winstgevend ondernemerschap te bevorderen.

De zelfstandigenaftrek wijzigt op de volgende 3 punten:

  1. De zelfstandigenaftrek wordt één vast bedrag van € 7.280,-
  2. De zelfstandigenaftrek loopt niet langer af bij stijgende winst
  3. Het uniforme bedrag wordt niet geïndexeerd.
Gevolgen
Bij indexatie zou de zelfstandigenaftrek in 2012 op maximaal € 9.645,- uitkomen bij een winst lager dan € 14.285,-, en minimaal € 4.680,- bij een winst vanaf € 60.830,-. Een groot aantal ondernemers valt nu in de 2e lange schijf voor een winst tussen de € 18.885,- en € 53.975,-. De aftrek in deze schijf zou bij ongewijzigd beleid € 7.390,- zijn. Dit wordt dus straks een vast bedrag van € 7.280,-; een verschil van € 110,-.

3. Spaarloon en levensloop

Zowel spaarloon als levensloop verdwijnen, uitzonderingen daargelaten, en worden vervangen door vitaliteitssparen.

Het opgebouwde vermogen in de spaarloonregeling kan in beginsel zonder fiscale gevolgen worden opgenomen, maar de deelnemers die hun tegoed laten staan en zich aan de voorwaarden van de spaarloonregeling houden, kunnen op grond van de overgangsregeling gebruik blijven maken van de vrijstelling in box 3. In dat geval wordt het tegoed jaarlijks gedeeltelijk vrijgegeven. De huidige deblokkeringsmogelijkheden blijven bestaan.

Voor alle deelnemers die op 31 december 2011 een saldo van € 3.000,- of meer op hun levensloopregeling hebben staan, wordt de regeling nog opengehouden in 2012. Zij kunnen in dat jaar besluiten de levensloopregeling ook vanaf 2013 door te laten lopen of overstappen op de vitaliteitsregeling.

4. Inkomstenbelasting en heffingskortingen

De tarieven van de inkomstenbelasting, inclusief de heffingskortingen, worden aangepast. U vind ze in de onderstaande tabel:

Inkomstenbelasting

Box 1Belastbaar inkomen
uit werk en woning
Tarief
2012
Belasting/
Premie PVV
Cumulatief
1e schijf0 - € 18.94533,1%
(65+ 15,2%)
€ 6270
(65+ € 2879)
€ 6270
(65+ € 2879)
2e schijf€ 18.945 - € 33.86341,95 %
(65+ 24,05%)
€ 6257
(65+ € 3587)
€ 12.527
(65+ € 6466)
3e schijf€ 33.863 - € 56.49142%€ 9503€ 22.030
(65+ € 15.969)
4e schijfmeer dan € 56.49152%

Heffingskortingen


20122011
Algemene heffingskorting€ 2033
(65+€ 934)
€ 1987
(65+ € 910)
Arbeidskorting *
Maximaal € 1531€ 1505
Aanvullende combinatiekorting€ 1024€ 780
Inkomensafhankelijke
aanvullende combinatiekorting
€ 1109€ 1091
Alleenstaande-ouderkorting€ 947€ 931
Ouderenkorting€ 762€ 739
Alleenstaande ouderenkorting€ 429€ 421

* De verhoging van de arbeidskorting voor ouderen vanaf 57 jaar vervalt per 1-1-2012.

5. Zorgverzekering

  • De nominale premie die verschuldigd is aan de ziektekostenverzekeraar stijgt van gemiddeld € 1.211 naar gemiddeld € 1.222
  • Het eigen risico gaat met € 50 omhoog naar € 220
  • Het maximumbijdrageloon voor de inkomensafhankelijke bijdrage ziektekostenverzekering (Zvw) wordt verhoogd van € 33.427 naar € 50.056. Daarnaast wordt de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw verlaagd van 7,75% naar 7,1%. De premiegrens voor de inkomensafhankelijke bijdrage wordt hiermee gelijkgesteld met de premiegrens van de werknemersverzekeringen.

6. Rittenregistratie bestelauto's

Voor een bestelauto is, als u er niet meer dan 500 km per jaar privé in rijdt, geen rittenregistratie meer nodig als er een 'Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik' is. Deze verklaring geeft aan dat de bestelauto uitsluitend zakelijk wordt gebruikt. Dat was wel altijd nodig om geen bijtelling te krijgen. Er zal vooral worden gecontroleerd op tijden en plekken waar zakelijk gebruik van een bestelauto weinig waarschijnlijk is, zoals in de avonduren, op zaterdagen, zon- en feestdagen, en in de vakantietijd.

Mocht een werknemer toch een privérit hebben gemaakt, dan gaat de boete naar de werkgever. Die kan hem doorberekenen aan zijn werknemer.

Voorlopig zal de (gezamenlijke) 'verklaring uitsluitend zakelijk gebruik' gelden naast de al voor bestelauto's bestaande bijzondere mogelijkheden om onder de bijtelling uit te komen:

  • Verbod door de werkgever
  • 'Achter het hek auto'
  • Eindheffing bij afwisselend gebruik
  • Vereenvoudigde kilometerregistratie.

7. Kinderopvangtoeslag alleen voor gewerkte uren

De kinderopvangtoeslag gaat voor iedereen omlaag. Hoeveel minder u krijgt, hangt van het inkomen van u en uw partner af. De kinderopvangtoeslag voor het tweede en volgende kind wordt voor de hoogste inkomens versneld afgebouwd en daalt van ruim 82% naar 58%.

Verder wordt het aantal uur dat ouders werken meegewogen. U krijgt alleen kinderopvangtoeslag voor de uren die de ouder met de minste uren werkt. Deze koppeling aan gewerkte uren geldt ook als u zelfstandige bent, stukloon heeft, of een flexibel contract heeft. Zelfstandigen moeten aannemelijk maken dat zij het opgegeven aantal uren hebben gewerkt.

De maximumuurprijs waarover de kinderopvangtoeslag wordt berekend, verandert niet en blijft € 6,36 voor dagopvang; € 5,93 voor buitenschoolse opvang en € 5,09 voor gastouderopvang.

8. Digitale belastingaangifte

De belastingaangifte moeten voortaan digitaal. Het gaat daarbij onder meer om de omzetbelasting, de loonheffingen, de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting. De papier aangifte verdwijnt dus. De enige uitzondering die wordt gemaakt is voor ondernemers die in het buitenland zijn gevestigd. Die mogen voor de omzetbelasting nog wel op papier aangifte doen.

Dit besluit is onder meer genomen omdat de digitale aangifte toch al bijna helemaal ingeburgerd is, en het ontwikkelen van papieren formulieren en toelichtingen voor een kleine groep ondernemers in verhouding veel geld kost.

9. Heffing Kamer van Koophandel

De heffing van de Kamer van Koophandel gaat met 10% omlaag. Eenmanszaken betalen nu jaarlijks gemiddeld ruim 40 euro, grotere bedrijven ongeveer drie keer zo veel. In totaal gaat het om ruim 160 miljoen euro per jaar.

Vanaf 1 januari 2013 verdwijnt de heffing helemaal, wat 2,2 miljoen acceptgiro's per jaar scheelt. De twaalf regionale Kamers worden, naar verwachting in 2014, ondergebracht in één organisatie: het Ondernemersplein. Ook Syntens gaat hier in op.

10. Einde PIN

Het Nederlandse merk PIN verdwijnt met ingang van 2012. Bij het nieuwe pinnen halen klanten hun betaalpas niet meer door een gleuf, maar steken deze in een chiplezer. Skimmen wordt daardoor een stuk moeilijker. EMV is een internationale chipstandaard ontwikkeld door Europay, Mastercard en Visa. Er kan bij consumenten verwarring ontstaan met de Chipknip, de oplaadbare betaalpas voor kleinere betalingen, maar die blijft vooralsnog gewoon bestaan.

Bron: De Zaak