Print

ING Woonbericht: Vertrouwen in woningmarkt stabiel ondanks ongunstige periode voor aankoop woning

Verduurzaming van de woning geen prioriteit voor huiseigenaren

Verduurzaming van de woning geen prioriteit voor huiseigenaren

Het vertrouwen in de woningmarkt is in het derde kwartaal van 2018 stabiel gebleven. De WoonIndex komt met 107 punten op een even hoge score uit als vorig kwartaal. De in 2016 ingezette dalende trend is hiermee een halt toegeroepen. Wel vinden steeds meer woningbezitters en potentiële starters op de koopwoningmarkt het een ongunstig moment voor de aankoop van een woning. Ook zijn ze minder optimistisch over de eigen financiële situatie. De respondenten van het ING Woonbericht zijn juist positiever over de verwachting ten aanzien van de ontwikkeling van de huizenprijzen en de hypotheekrente. Aan de woningbezitters en starters is ook gevraagd hoe zij aankijken tegen verduurzaming van de woning.

Woningbezitters vaak niet bewust van voordelen duurzame woning

Duurzaamheid is niet top-of-mind bij woningbezitters. Zo heeft 45% geen idee welk energielabel zijn woning heeft. Vooral bewoners van minder energiezuinige woningen weten dat niet of overschatten hun label. Slechts 11% denkt een onzuinige woning te hebben (energielabel D of lager), terwijl dit in werkelijkheid 44% van de woningen betreft. Wim Flikweert, Manager Wonen ING: “We zien dat de echte winst, zowel financieel als voor het milieu, in de minder energiezuinige woningen zit. Juist die categorie woningbezitters lijkt zich minder bewust van de voordelen van verduurzaming.”

De helft van de woningbezitters voelt verduurzaming als een eigen verantwoordelijkheid, druk van buitenaf door bijvoorbeeld de overheid of hypotheekverstrekker wordt niet op prijs gesteld. Uit het onderzoek blijkt verder dat slechts 10% van de bewoners van plan is om op korte termijn actie te ondernemen. Zelfs als er voldoende spaargeld beschikbaar is, wordt er nauwelijks geïnvesteerd in energiebesparende maatregelen. Flikweert: “De behoefte aan financiering is beperkt. Van de woningbezitters zegt 58% voldoende spaargeld te hebben voor verduurzaming of niet te willen lenen voor dit doel. We moeten dus veel meer doen aan bewustwording en het benoemen van de voordelen van verduurzamen.”

Als woningbezitters toch besluiten tot verduurzaming, wordt het financiële motief vooral gezocht in het verlagen van de energierekening (94%). Het verhogen van de waarde van de woning of het beter verkoopbaar maken van de woning heeft minder prioriteit. 90% verwacht dat de investeringen voor hooguit de helft tot uiting komen in een waardestijging van de woning. Een meerderheid van de ondervraagden wil de investering binnen 3 tot 5 jaar kunnen terugverdienen.

Nieuwe generatie toont meer belangstelling voor verduurzaming

Starters vinden verduurzaming van de woning veel logischer dan woningbezitters. 42% van de starters vindt dat ze een steentje moeten bijdragen tegenover 26% van de woningbezitters. Starters geven ook vaker dan woningbezitters aan hun gedrag te willen aanpassen om een hoger energielabel te krijgen. 61% van de starters zegt zelfs een energiezuinig label (A t/m C) te eisen bij de aankoop van het eerste huis. Flikweert: “Dat klinkt bemoedigend, maar in een schaarse markt zal die eis waarschijnlijk snel worden losgelaten. Een woning bemachtigen is op dit moment belangrijker”.

Citaten

“We zien dat de echte winst, zowel financieel als voor het milieu, in de minder energiezuinige woningen zit. Juist die categorie woningbezitters lijkt zich minder bewust van de voordelen van verduurzaming.”

Wim Flikweert - Manager Wonen, ING

Deel dit artikel

Contact voor de media

Documenten bij dit bericht