Print

ING Woonbericht: Vertrouwen woningmarkt hard geraakt door coronacrisis

Financiële buffers woningeigenaren en starters lager dan gewenst maar steun (nog) niet massaal nodig

ING Woonbericht juni 2020

De coronacrisis heeft het vertrouwen in de woningmarkt hard geraakt. Niet eerder daalde de ING Woonindex in een half jaar tijd zo sterk als nu. Met een daling van 12 punten komt de index in het tweede kwartaal met 91 punten uit onder de neutrale score van 100 punten. Daarmee is de stand uitgekomen op een vergelijkbaar niveau als tijdens de financiële crisis. Al was het dieptepunt in het eerste kwartaal van 2013 toen nog lager met 82 punten. Starters en woningbezitters zijn minder optimistisch over de ontwikkeling van de woningprijzen en ze gaan uit van een stijging van de hypotheekrente. Ook zijn de zorgen over mogelijke werkloosheid duidelijk toegenomen. Opvallend is wel dat woningbezitters het nog steeds een gunstige periode vinden om een woning te kopen. Voor starters geldt dit in mindere mate omdat de huidige onzekere tijden hen parten spelen.

Ondanks het dalende vertrouwen in de woningmarkt en de toenemende zorgen over de economische ontwikkelingen, blijven woningbezitters onveranderd positief over het gemak waarmee ze hun eigen woning denken te kunnen verkopen. En dat is opvallend. Het marktsentiment mag dan wegzakken, maar over de verkoopbaarheid van hun eigen woning maakten ze zich in mei 2020 nog geen zorgen. Woningbezitters verwachten binnen 3,5 maand hun huis te kunnen verkopen, net als een half jaar geleden. Ondanks de verwachting dat de huizenprijzen de komende tijd dalen, zien starters het niet als een gunstigere periode om een huis te kopen, daarvoor zijn de tijden te onzeker. Of het een gunstige of ongunstige tijd is om een huis te kopen blijft daardoor stabiel.

Wim Flikweert, manager Wonen ING Nederland: “We zien dat er op dit moment nog steeds veel huizen (snel) verkocht worden. Uit het onderzoek blijkt dat de verwachting is dat de hypotheekrente gaat stijgen. Dat valt tot op heden wel mee en de rente is op dit moment nog altijd relatief laag. Daarnaast is er nog steeds sprake van een krapte op de woningmarkt: de vraag is groot. Dus ondanks dat het vertrouwen nu hard geraakt wordt, zit er een stevige fundament onder de woningmarkt.”

Financiële buffers: grote uitgaven worden heroverwogen

Als het huishoudelijk inkomen (tijdelijk) weg zou vallen, kan 31% van de woningbezitters en 38% van de starters het hooguit een kwartaal financieel volhouden zonder hulp van derden. De helft houdt het maximaal zes maanden vol. 47% van de respondenten zou eigenlijk een grotere buffer willen hebben dan waar ze voor de coronacrisis over beschikten. Zij hebben liever een buffer van minimaal een half jaar. Van de groep die een buffer van drie maanden heeft is zou zelfs 72% een grotere buffer willen. Van de woningbezitters die nu een kleinere buffer hebben dan gewenst, geeft 43% aan dat er onvoldoende financiële ruimte was om meer op te bouwen. 16% meende voor de crisis dat de buffer groot genoeg was. 30% van de woningbezitters had wel de financiële ruimte om een buffer op te bouwen, maar gaf de voorkeur aan andere uitgaven zoals vakanties, horeca of een nieuwe auto. Opvallend is dat er slechts een klein verschil is in de positie van mensen met een vast of flexibel inkomen.

Grote uitgaven worden als gevolg van de coronacrisis nu vaker heroverwogen. Zo wordt ongeveer de helft van de voorgenomen grote uitgaven aan vakanties die men begin dit jaar van plan was, nu opnieuw bekeken. Ditzelfde geldt voor verbouwingen (30%) een nieuwe badkamer (27%) of keuken (33%) of een nieuwe auto (44%).

Financiële ondersteuning tijdens de coronacrisis

Er is een breed draagvlak onder woningbezitters en starters voor financiële hulp tijdens de coronacrisis. De coronacrisis wordt gezien als iets dat ons allemaal is overkomen. Voor financiële steun wordt vooral gekeken naar de Belastingdienst (46%), gemeenten (42%), geldverstrekkers (32%), zoals banken en verzekeringsmaatschappijen, verhuurders (19%), woningbouwverenigingen (21%), zorgverzekeraars (25%) en het UWV (27%). Een ruime meerderheid vindt dat financiële steun na de crisis terugbetaald zou moeten worden, al is dat maar om misbruik te voorkomen. Zelf verwachten de meeste starters en woningeigenaren geen ondersteuning, omdat men het momenteel niet nodig heeft (66%) of dergelijke steun sowieso afwijst (24%). Slechts 1% verwacht momenteel financiële hulp nodig te hebben bij het betalen van de maandelijkse hypotheeklasten.

Wim Flikweert, manager Wonen ING Nederland: “We zien dat woningbezitters en starters onzeker zijn over hun eigen financiële buffers. Toch denken ze voorlopig geen financiële ondersteuning nodig te hebben. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat de effecten van de crisis, door de verschillende steunmaatregelen van de overheid, voor de meeste consumenten nog niet voelbaar zijn. Dit zien we terug in verschillende onderzoeksresultaten. Dat kan in de komende tijd veranderen als de crisis langer gaat duren of de steunmaatregelen minder dekking bieden.”

Onderzoeksverantwoording

Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van ING door Kantar onder huurders die de intentie hebben om binnen twee jaar een huis te kopen en onder eigenaren van een koopwoning. Deze personen zijn allen afkomstig uit de Kantar Consumerbase, een database van 190.000 respondenten in Nederland. In totaal zijn in het tweede kwartaal van 2020 1.257 personen ondervraagd, waarvan 688 koopwoningbezitters en 569 personen wonend in een huurwoning met koopplannen binnen nu en 2 jaar. Het vertrouwen in de woningmarkt wordt berekend op basis van onderliggende vragen met betrekking tot de verwachtingen ten aanzien van de hypotheekrente, het aantal huizen dat verkocht wordt, de huizenprijzen en de eigen financiële situatie plus de vraag of het nu een gunstige of een ongunstige tijd is om een woning te kopen. Het onderzoek vond plaats in de periode eind april tot half mei 2020.

Citaten

We zien dat er op dit moment nog steeds veel huizen (snel) verkocht worden. Uit het onderzoek blijkt dat de verwachting is dat de hypotheekrente gaat stijgen. Dat valt tot op heden wel mee en de rente is op dit moment nog altijd relatief laag. Daarnaast is er nog steeds sprake van een krapte op de woningmarkt: de vraag is groot. Dus ondanks dat het vertrouwen nu hard geraakt wordt, zit er een stevige fundament onder de woningmarkt.

Wim Flikweert - manager Wonen ING Nederland

We zien dat woningbezitters en starters onzeker zijn over hun eigen financiële buffers. Toch denken ze voorlopig geen financiële ondersteuning nodig te hebben. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat de effecten van de crisis, door de verschillende steunmaatregelen van de overheid, voor de meeste consumenten nog niet voelbaar zijn. Dit zien we terug in verschillende onderzoeksresultaten. Dat kan in de komende tijd veranderen als de crisis langer gaat duren of de steunmaatregelen minder dekking bieden.

Wim Flikweert - manager Wonen ING Nederland

Deel dit artikel

Contact voor de media

Documenten bij dit bericht